|
A A |
|
Taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de mentor
Inleiding De Stichting Mentorschap heeft samen met de mentoren ook een gedragscode ontwikkeld. Deze gedragscode vindt u hier. Aan het einde van dit hoofdstuk worden ook een aantal wetten genoemd waarmee de mentor bij de uitoefening van zijn taken te maken krijgt.
Taken mentor De mentor is onder verantwoordelijkheid van de kantonrechter en binnen de grenzen van de wet (1) belast met de persoonlijke vertegenwoordiging en belangenbehartiging van betrokkene op het gebied van de verzorging, verpleging behandeling en begeleiding. De mentor waakt actief over de belangen van de betrokkene en stemt de belangenbehartiging af op diens behoefte en mogelijkheden. Afhankelijk van de mogelijkheden van betrokkene treedt de mentor ondersteunend, begeleidend, plaatsvervangend of vertegenwoordigend op (2). Hij doet dit met respect en met inachtneming van het zelfbeschikkingsrecht van betrokkene. Hij neemt daarbij de godsdienstige gezindheid, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van betrokkene tot richtsnoer. De mentor neemt beslissingen op het persoonlijke vlak. De mentor heeft bij het vervullen van die taak de plicht om de betrokkene zoveel mogelijk zelf te laten beslissen en om diens zelfstandige optreden te bevorderen. Tenzij uit wet of verdrag anders voortvloeit, is betrokkene tijdens het mentorschap onbevoegd rechtshandelingen te verrichten in kwesties van zijn verzorging, verpleging, behandeling en begeleiding. De mentor kan betrokkene toestemming geven om deze handelingen wel zelf te verrichten. Ook op andere gebieden op het persoonlijke vlak heeft de mentor tot taak om de belangen van betrokkene te bewaken en hem raad te geven. Het zou bijvoorbeeld kunnen gaan of over de vraag of een echtscheiding moet worden aangevraagd of over de omgang met bepaalde mensen. Beslissen in hoogst persoonlijke aangelegenheden is niet mogelijk, evenmin als bij curatele. De mentor kan zich (evenals de curator) wel mengen in een relatie van de betrokkene, als deze een duidelijk negatief effect op hem heeft. De mentor kan de hulpverlener in dat verband instructies geven. De mentor geeft de kantonrechter op de door de kantonrechter te bepalen tijstippen een kort schriftelijk verslag van zijn bevindingen en werkzaamheden. Dit dient mede om te beoordelen of het mentorschap nog noodzakelijk is.
Welke deeltaken vloeien voort uit bovenstaand takenpakket? Deze deeltaken kunnen niet uitputtend worden beschreven, omdat de deeltaken van een mentor afhankelijk zijn van de lichamelijke en geestelijke conditie van de betrokkene. Ook zijn de deeltaken afhankelijk van de woonsituatie. Onderstaande taken kunnen als voorbeeld worden beschouwd. De mentor:
Verantwoordelijkheden mentor Wat zijn de verantwoordelijkheden van de mentor? De mentor moet zich gedragen als een goede mentor (3). De kantonrechter kan hem oproepen om mondeling en/of schriftelijk over zijn handelen rekeningen en verantwoording af te leggen (4). De mentor doet er dan ook goed aan een verslag bij te houden van bezoeken aan betrokkene, overlegmomenten met betrokkene en andere bij de zorg betrokken personen (behandelaars, verzorging, financieel vertegenwoordiger e.d.) met als inhoud het gevolgde beleid en de daarop betrekking hebbende besluitvorming Een mentor is verantwoordelijk voor de financiële gevolgen van zijn handelen (5). Hij zal met de betrokkene of met diens financiële vertegenwoordiger moeten overleggen of het inkomen of het vermogen van de betrokkene een uitgave voor de zorg toelaat. Afspraken over maximumbedrag per uitgave zijn gebruikelijk. Zonodig kijkt de mentor of de uitgave wordt gedekt door een verzekering of de bijzondere bijstand. Verder heeft de mentor de plicht om belanghebbenden op de hoogte te brengen van het bestaan van het mentorschap van betrokkene, bijvoorbeeld de hulpverleners.
Bevoegdheden mentor De bevoegdheden van een mentor liggen op het persoonlijk vlak. Degene die een mentor heeft, blijft op vermogensrechtelijk gebied handelingsbekwaam en kan in principe zelf zijn financiële zaken behartigen. Als betrokkene door zijn ziekte ook op dit terrein zaken niet meer kan behartigen, dan moet voor hem een onder bewindstelling worden aangevraagd. De mentor heeft verder alle bevoegdheden die hij in het belang van zijn taak nodig heeft. Dat kan ook over feitelijke dingen gaan, zoals het inzien van een dossier. De instelling is verplicht de mentor inzage te geven in rapportages over betrokkene en de mentor bij beslissingen te betrekken. De mentor mag instemmen met het zorgplan of behandelingsplan, met uitzondering van hoogst persoonlijke aangelegenheden die daarin zijn opgenomen, zoals levensbeëindiging van betrokkene. In een dergelijke situatie heeft datgene wat de mentor zegt de status van advies. De mentor treedt op wanneer jij meent dat in de zorg fouten gemaakt (dreigen te) worden. Voor zijn taakuitoefening heeft de mentor geen machtiging nodig van de kantonrechter. Als de mentor niet zeker is van zijn zaak en hij kan zich niet laten machtigen door betrokkene, dan kan hij de kantonrechter altijd raadplegen in aangelegenheden van ingrijpende aard.
Welke concrete bevoegdheden vloeien bijvoorbeeld voort uit bovenstaande bevoegdheden? De mentor heeft het recht:
Grenzen bevoegdheden mentor Zijn de bevoegdheden van de mentor als vertegenwoordiger onbeperkt? Nee, de bevoegdheden van de mentor worden beperkt door:
Wetgeving (13) Wat is het doel van de patiëntenwetgeving? Deze wetgeving heeft tot doel om de positie van de patiënt/cliënt te versterken. Voor deze wetgeving geldt, dat de wettelijke vertegenwoordiger, dus ook de mentor dezelfde rechten heeft als de patiënt/cliënt. Met welke wetten krijgt de mentor te maken? De Wet Mentorschap In de wet mentorschap zijn de regelingen rond het mentorschap vastgelegd, bijvoorbeeld begin en einde mentorschap, taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden. De Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) In de WGBO zijn de patiëntenrechten vastgelegd op het gebied van privacy, informatie, overleg, inzage in het medische dossier en toestemming voor behandeling. Ook de vertegenwoordiging is in de WGBO bepaald. De Wet Klachtrecht Cliënten Zorgsector (14) Een klacht beidt de mogelijkheden tot verbetering van de zorg. Zorginstellingen en zorgverleners zijn verplicht een klacht te behandelen volgens de regels zoals vastgelegd in de Wet Klachtenrecht. De mentor is, als wettelijk vertegenwoordiger, gerechtigd om een klacht in te dienen. Wet Bijzondere Opneming Psychiatrische Ziekenhuizen (BOPZ) (15) De wet BOPZ regelt de condities met betrekking tot de onvrijwillige opname en behandeling van patiënten en psychiatrische ziekenhuizen, zwakzinnigen- en verpleeginrichtingen, en psychogeriatrische afdelingen van verzorgingshuizen. De wet betreft onder meer (procedures voor de) inbewaringstelling, de rechterlijke machtiging, (dwang)behandeling en vrijheidsbeperking. Opname tegen de wil van cliënt in een psychogeriatrisch verpleeg- of (op de afdeling van een) verzorgingshuis valt onder deze wet; er wordt dan een zogenaamde artikel 60 BOPZ-toets gedaan. Ook kan een Rechterlijke Machtiging worden gevraagd. Delen van het zorgplan kinnen onder de BOPZ vallen. Het zorgplan behoort een omschrijving van eventuele middelen en maatregelen te bevatten, bijvoorbeeld over toediening van medicijnen of fixatie. De mentor neemt, als wettelijk vertegenwoordiger, alle rechten van de cliënt met betrekking tot de zorgverlening waar, dus ook het geven van toestemming voor het zorgplan. Indien het strikt noodzakelijk is voor het welzijn, de veiligheid of de gezondheid van de cliënt of die van anderen kan een maatregel uitgevoerd worden ondanks verzet van cliënt en zonder toestemming van de mentor. De arts heeft hierin een speciale verantwoordelijkheid, met meldingsplicht aan de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Wet Medezeggenschap Cliënten Zorginstellingen (WMCZ) De WMCZ regelt de rechten voor inspraak en collectieve belangenbehartiging namens alle cliënten in de instelling gezamenlijk. De zorginstelling is verplicht tot het instellen van een cliëntenraad. Een mentor kan zitting nemen in de cliëntenraad. De cliëntenraad neemt signalen van cliënten en hun vertegenwoordigers in behandeling voor gemeenschappelijke belangenbehartiging.
(1) Wet
Mentorschap, Wet Geneeskundige behandelingsovereenkomst, Wet
Bijzondere Opnemingen psychiatrische Ziekenhuizen, Wet [2] zie ook:gedragscode en functieprofiel mentor. [3] Art. 1:454 lid 1 BW taken mentor, gedragscode mentoren. [4] In de praktijk gebeurt dit echter zelden. [5] Art. 1:458 BW; zie ook: Aansprakelijkheid. [6] Indien hiervoor kisten gemaakt moeten worden, overlegt de mentor met de bewindvoerder. [7] Art. 7: 465 lid 2 BW vertegenwoordiging:art.450 lid 3 BW toestemmingsvereiste. [8] Art. 7: 456 BW inzage in dossier. [9] Zie ook hoofdstuk 5.6. [10] Art. 1:456 BW de mentor kan (hoeft niet) hiervoor een machtiging vragen aan de cliënt en als dit niet mogelijk is aan de kantonrechter. [11] Art 7:453 BW Goed hulpverlenerschap. [12] Art 7:465 lid BW, en BOPZ, art 38 lid 5. [13] Voor de teksten van de wet zie: www.overheid.nl . [14] Zie publicaties, en nuttige adressen; zorginstellingen hebben veelal een eigen brochure, waarin de te volgen procedures worden toegelicht. |